Buiten beeld | Venster op een ander verleden

Een project en een boek in de maak naar aanleiding van een bekende foto die de beroemde Franse fotograaf Henri Cartier-Bresson in 1945 heeft gemaakt in de omgeving van Dessau, en over andere in de mist der geschiedenis verdwenen feiten.

De foto in kwestie mag ik hier niet reproduceren om redenen van copyright, maar hij kan geraadpleegd worden op de website van Magnum (http://magnumphotos.com/ zoeken op: PAR46121), een mooie gelegenheid om kennis te maken met het indrukwekkende oeuvre van Cartier-Bresson.

Zo goed als alles wat Magnum -  het mede door Cartier-Bresson opgerichte fotoagentschap - aan de foto toevoegt, is onjuist tot fout. Velen namen en nemen alles kritiekloos over.

Deze foto werd decennialang beschouwd als een icoon van de Bevrijding, meer bepaald de bevrijding van concentratiekampgevangenen. Hier en daar wordt hij nog altijd aldus gebruikt.

Na grondig onderzoek bleek de foto verre van uniek. Hij makat deel uit van een reeks van zo'n dertig foto's die Cartier-Bresson toen in een displaced persons kamp in Kochstedt (bij Dessau) maakte. Terwijl hij zijn Leica hanteerde stonden naast hem Amerikaanse cameralui die alles filmden. Cartier-Bresson was in het zog van een Amerikaanse legerdivisie in Dessau beland om in opdracht van het Amerikaanse Office of War Information en het Franse Ministère des Prisonniers, Déportés et Rapatriés een documentaire te maken over de terugkeer van Franse displaced persons.

Met de door de Amerikanen gedraaide filmbeelden maakte Cartier-Bresson eind 1945 de documentaire Le Retour. Doorgedreven onderzoek bracht me op het spoor van een onbekende, compleet in de vergeethoek geraakte Amerikaanse versie. Reunion hanteert een totaal andere invalshoek, met andere doelstellingen en verschilt ook wat betreft de scène in Cartier-Bressons beroemde foto grondig van de Franse versie.

Het icoon van de Bevrijding blijkt een momentopname te zijn van een bijltjesdag. Drie tot vier mensen beschuldigd van collaboratie (met Gestapo of SS), worden op planmatige en georganiseerde wijze mishandeld, geslagen en gestenigd.

Cartier-Bresson en zijn entourage hebben dit van meet af aan verhuld en verzwegen. Zowel bij het maken van Le Retour als bij de eerste publicatie van de foto (in 1947 in het Museum of Modern Art in New York). Dat is gezien het moment, de doelstelling en het doelpubliek niet meer dan begrijpelijk. Maar op die manier kon de foto vanaf een bepaald moment wel doorgaan als icoon van de Bevrijding.

Heel bijzonder is dat DP-kamp Kochstedt zonder de foto('s) van Cartier-Bresson zo goed als volledig uit de geschiedenis zou zijn verdwenen. Dat heeft naar alle waarschijnlijkheid te maken met de chaos die in die laatste oorlogsmaanden en de eerste maanden na de bevrijding heerste. Nog belangrijker is dat het gebied rond Dessau, met het door de Amerikanen opgerichte DP-kamp in Kochstedt, goed anderhalve maand later overging in handen van de Sovjets, zoals afgesproken op de conferentie van Jalta.

In het boek dat ik plan - werktitel: Buiten beeld / Out of focus – zal van de gelegenheid gebruik gemaakt worden om enkele andere gebeurtenissen en feiten te belichten die zo goed als volledig uit de collectieve herinnering verdwenen zijn of daar nooit deel van uit maakten. Onder meer de misdadige tapijtbombardementen, vooral door de Britten, minder om de industrie plat te leggen dan wel om de Duitse burgerbevolking te demoraliseren. Bombardementen die vanaf 1942 tot het bittere einde duurden, ook al was de overwinning binnen handbereik. Dessau werd nog in maart 1945 voor 80% plat gebombardeerd. De Britse (en Amerikaanse) tapijtbombardementen kostten naar schatting het leven aan 700.000 tot 800.000 Duitse burgers en onder meer in Neuengamme werden ook veel krijgsgevangenen en concentratiekampgevangenen het slachtoffer. Dat terwijl de sporen naar Auschwitz-Birkenau nooit gebombardeerd werden ook al was dat perfect uitvoerbaar (industriële doelwitten in de buurt van Auschwitz werden wel gebombardeerd).

Vermeldenswaard is ook dat Zyklon B, het ongedierteverdelgingsmiddel waarmee Joden, Roma en Sinti en andere slachtoffers in Birkenau werden vermoord, in Dessau werd vervaardigd, in een suikerfabriek.

Vanzelfsprekend zal ook de nodige aandacht worden besteed aan de bijzonder moeilijke aanloop naar en de erbarmelijke eerste maanden van de displaced person kampen in het algemeen en Kochstedt in het bijzonder. Een erger lot stond de vele Russische displaced persons, zeg maar vluchtelingen, te wachten die door de westerse geallieerden meedogenloos werden uitgeleverd aan de Sovjet-Unie. Naar schatting twee miljoen mensen, voornamelijk mannen maar ook vrouwen en kinderen. Ontelbaren werden standrechtelijk geëxecuteerd, velen belandden in de Goelag en kwamen er om.

Ook belicht worden de verkrachtigen door Amerikaanse GI's, waar veel bevrijde vrouwen nog voor D-Day in Engeland en na de landing in Normandië in Frankrijk het slachtoffer werd.

Oorlogen kennen geen overwinnaars maar alleen verliezers. Dat is de ietwat paradoxale vredesboodschap van dit boek in wording.

De ondertitel, Venster op een (ander) verleden, verwijst naar de  benadering die reeds in Kijken zonder zien werd toegepast: historische beelden openen als vensters op gebeurtenissen en feiten die uit beeld verdwenen zijn of eruit gelaten werden. De iconische foto van Henri Cartier-Bresson bleek hiervoor bijzonder geschikt. Ook al omdat Henri Cartier-Bresson, beweeglijk als steeds, letterlijk rond zijn onderwerp, de bijltjesdag, draaide, alles vanuit verscheidene (invals)hoeken vastlegde, en op die manier de tweedimensionaliteit van foto, fotografie, herinnering en geschiedenis ophief. 

Wat mij betreft komt Buiten beeld er, met daarin natuurlijk ook veel aandacht voor Cartier-Bresson en de enigszins opgefokte legende dat de man alleen op het beslissende moment (the decisive moment) een foto maakte. Hopelijk daagt er een uitgever op die de copyrights betaalt voor een vijftiental foto's (150 euro per foto wordt geschat) en hopelijk zullen Magnum en de Fondation Henri Cartier-Bresson voor één keer afwijken van hun principe dat foto's die Cartier-Bresson (overleden in 2004) niet zelf voor publicatie heeft vrijgegeven nooit gepubliceerd mogen worden.

Voorlopig weigert de Fondation Henri Cartier-Bresson hieraan mee te werken, terwijl ze wel enkele ongepubliceerde foto's van de man heeft vrijgegeven voor de grote retrospectieve in het Centre Pompidou en ook voor een tentoonstelling in het Bauhaus in Dessau (de catalogus van die laatste tentoonstelling behandelt de foto en de documentaire van Henri Cartier-Bresson - iets wat mij gevraagd maar vervolgens ontzegd werd - maar helaas onvolledig, deels fout en verkeerd voorgesteld).

Geplaatst op 9 augustus 2013